Luistervink pootjes

Grasmus

Wetenschappelijke naam: Curruca communis

Waar houdt ie van

Ruigte met overzicht. Denk: hoge kruiden, rommelige randen, jonge struiken. In tuin en park: laat een hoekje lekker verwilderen met brandnetel, distel, klaver en wat braam. In het buitengebied: brede akkerranden, slootkanten en dijken met kruiden, niet strak gemaaid. Snoei hagen pas laat in de winter, dan blijft het dekking.

Ecologisch belang

Insecteneter met tempo. Voert jongen vooral met rupsen, vliegen en spinnetjes. Daarna ook bessen. Zelf staat hij op het menu van sperwer, kat en soms een sluwe kraai. Meer struik- en kruidenrand = meer insecten = meer grasmus.

Wanneer in Nederland

Zomergast. Meestal terug vanaf april. Broedt tot in juli. Vertrekt weer vanaf augustus, vaak richting september.

Status

Algemeen, maar gevoelig voor “netjes”: te veel maaien, te weinig struiken en kruidenrijke randen. Geef ’m rommel, dan komt het goed.

Zo klinkt een Grasmus
Roep
Lied

We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.